header

Hondentypes

De "normale "hond

Deze hond wordt ook wel " sociale hond" genoemd.
Het is een hond die zowel door de fokker als door de eigenaar goed begeleid werd tijdens de socialisatieperiode.
Deze hond werd ook ontvangen in een normaal gezinspatroon waar alle activiteiten op een rustige manier worden afgehandeld.
Hij wordt er consequent behandeld met aangepaste beloningen en straffen en hij wordt in huis opgevoed zonder geplaag van b.v. kinderen.
Deze hond is opgewekt en vrolijk, hij weet de eigenaar steeds te plezieren en heeft aandacht voor een vriendelijk woord.
Hij is nooit opdringerig, maar altijd rustig en evenwichtig van karakter en gedrag.
Hij reageert niet overdreven op eventueel bezoek.
Kortom, hij is de ideale huishond die prima af te richten is.

De "overvriendelijke" hond

Deze "al te vriendelijke hond" rent meestal door de kamers, loopt in zijn enthousiasme iedereen omver en is opdringerig vriendelijk, ook bij bezoek.
Hij vertoont meestal ook overvloedig onderdanigheidsgedrag en likt ongewild vaak aan het gezicht en de handen.
Hij reageert als een "wildebras" wanneer er wordt aangebeld en is moeilijk te kalmeren, waardoor hij dan ook dikwijls in een andere kamer wordt opgesloten.
Behandel deze hond zeer consequent en rustig, maar ook kordaat.
Overdrijf zeker niet bij belonen.
Let er vooral op dat er op een aangepaste manier wordt gestraft.

De "overgevoelige" hond

Deze hond is meestal een erg zenuwachtige en gespannen hond die blaft als een bezetene en als een gek blijft rondlopen.
Hij is zeer onrustig bij vreemde geluiden ( en zeer angstig bij onweer ) en onwennig bij bezoek.
Vooral zijn gedrag en intenties zijn moeilijk in te schatten.
De oorzaak voor dit gedrag is meestal het inconsequent handelen en de vaak willekeurige bestraffingen van de geleider.
De begeleiding moet hier dan ook zijn aangepast aan het wat zwakkere karakter van de hond.

De "gereserveerde" hond

Dit is een "eenzaat" die zal proberen eigen pleziertjes door te drijven.
Hij is vaak erg vindingrijk om zich te onttrekken aan zaken die hem niet expliciet ( en dus zonder dwang ) worden opgelegd .
Hij verwacht dus altijd een krachtig bevel, maar blijft wel " weerspannig".
Op zijn manier is hij wel een "aardige" hond, maar hij is toch zeer koppig.
Een beloning na een goede uitvoering zegt hem in feite niet veel.
Deze hond heeft niemand nodig en leidt een "eigen leven".
Een moeilijk in te schatten hond die een aangepast trainingspakket vereist dat gebaseerd is op een consequente, zelzekere en kordate maar vooral ook rustige aanpak.

De "schuwe" hond

Deze hond is meer dan waarschijnelijk al vroeg verkeerd ingeprent ( in een afgesloten donkere ruimte zonder contact met anderen) of heeft misschien "nare" ervaringen opgedaan tijdens de socialisatieperiode.
Mogelijk werd hij in deze periode zelfs opgevoed door een wat ongeduldige en onbekwame geleider, waardoor de hond nu vertrouwen mist.
Dit betekent dat het voor de hond meolijk wordt om zelf nog vertrouwen te schenken.
Deze hond is ook zeer bang in vreemde situaties of bij anderen.
Veel geduld en begrip maar vooral rust en vertrouwen van de geleider in zijn hond ( waarbij fouten worden verbeterd met zo weinig mogelijk bestraffing ) kunnen het vertrouwen doen toenemen en het gedrag van de hond uiteindelijk verbeteren.

De "angstige-agressieve" hond

Deze hond is meestal overgevoelig en zeer schuw maar ook agressief, vooral op eigen terrein of als de geleider in de buurt is.
Hij is vaak ook laf, valt van achter aan en bijt dan gewoonelijk ook zeer laag (in de enkels of de kuiten ).
Vertrekken bezoek wordt dikwijls onverwacht, pijlsnel en meestal slechts één keer gebeten.
Als deze hond alleen wordt gelaten is hij zeer onzeker.
Deze hond werd waarschijnelijk verkeerd gefokt of slecht ( wispelturig, ongecontroleerd, hardhandig of onredelijk)opgevoed.
Dit gedrag begint meestal met veel geblaf, daarna gaat de hond " hapbijten" en uiteindelijk echt bijten.
De hond is ook helemaal niet meer te vertrouwen en kan zelfs gevaarlijk worden voor vreemden,en, als men toch laat begaan,ook voor gezinsleden.
Direct en adequaan reageren is noodzakelijk om te vermijden dat de hond nog defensiever en vooringenomener wordt.

De "dominante-agressieve" hond

Dit is een hond met een zeer dominant gedrag die zich, bij een verkeerde opvoeding of begeleiding, volledig kan keren tegen zijn geleider.
De hond wordt zelf roedelleider de domineert zelfs het gezin : hij bepaalt zelf activiteiten zoals uitgelaten worden, het gebruik van de fauteuils, enz...
Verder gromt hij als hij bevelen krijgt (die hij toch niet uitvoert).
Dit kan dus een gevaarlijke hond zijn die weinig te vertrouwen is, maar als hem alles wordt toegelaten, dan blijkt dit nochtaans het meest brave en sociale dier te zijn.
De eigenaar is hier volledig het vertrouwen in de hond kwijt en reageert vaak zelf ook nog angstig en onzeker.
Het " carièrrebeest" geeft zich bovendien niet zo snel gewonnen en het zal voor de meester dan ook een harde strijd worden om de plaats van " roedelleider" opnieuw in te winnen.
Deskundige hulp is dus nodig maar mogelijk kan een oplossing gevonden worden door de hond bij een andere eigenaar te plaatsen.